Boujloud na het Offerfeest: onschuldig feest of heidens ritueel?
Elk jaar na het Offerfeest laait in Marokko hetzelfde debat op. Jonge mannen trekken offerdierenhuiden aan, schilderen hun gezichten en gaan de straat op. Boujloud — ook bekend als Bilmawn — is een eeuwenoud Amazigh volksritueel dat in steeds meer steden botst met vragen over veiligheid, overlast en de grenzen van culturele expressie. En elk jaar opnieuw vraagt de Marokkaanse samenleving zich af: is Boujloud een traditie die bescherming verdient, of een gebruik dat zijn tijd heeft gehad?
Wat is Boujloud?
Boujloud — de naam komt van het Arabische woord voor “huiden” — is een ritueel dat direct na Eid al-Adha plaatsvindt. Deelnemers hullen zich in de verse huiden van geofferde dieren, schilderen hun gezicht en trekken door de buurt. De variant die in de Souss-regio bekendstaat als Bilmawn kent dezelfde kern: een gemaskerde figuur die de straat op gaat, bewoners aanspreekt, vermaakt, soms uitdaagt.
De wortels liggen diep in de Amazigh cultuurgeschiedenis, lang voor de islam zijn intrede deed in Noord-Afrika. Boujloud wordt door onderzoekers getypeerd als volkstheater met een rituele functie: het tijdelijk omdraaien van sociale verhoudingen, het loslaten van dagelijkse normen binnen een ceremonieel kader. Traditioneel gingen de opbrengsten van de rondgang door de wijk naar liefdadigheid of gemeenschapsprojecten.
Straattheater of sociaal ventiel?
Voor verdedigers van de traditie is Boujloud geen louter amusement. Het Marokkaanse nieuwsplatform Akhbarona sprak met socioloog Mohammed Ouarki, die het ritueel typeert als een psychologisch en sociaal ventielmechanisme. Boujloud biedt jongeren de ruimte om zich op een ceremoniële manier te uiten, buiten de strakke sociale verwachtingen van alledag. “Dit ritueel draagt een sterke symbolische lading, verbonden aan het tijdelijk loslaten van strikte sociale normen met als doel vermaak”, zei Ouarki tegenover Akhbarona.
Het probleem ontstaat, aldus Ouarki, wanneer Boujloud wordt losgerukt uit zijn oorspronkelijke plattelandscontext, waar collectief toezicht en onderlinge solidariteit vanzelfsprekend waren. In de stad ontbreken die vangnetten.
De keerzijde: intimidatie en afpersing
Critici wijzen op een patroon dat zich elk jaar herhaalt. Boujloud-deelnemers zouden in sommige wijken automobilisten en voetgangers dwingen geld te betalen om door te mogen, of raken slaags bij onderlinge conflicten. Maskers bieden dekking voor het afrekenen van persoonlijke vetes. De indringende geur van verse dierenhuiden en het gebruik van opvallende verf en poeders zorgen voor angst, met name bij kinderen.
Akhbarona sprak ook met mensenrechtenjurist Mustafa Benyaich, die het debat rond Boujloud in een rechtskader plaatst. Hij erkent dat het recht op culturele uitoefening grondwettelijk beschermd is in Marokko, maar voegt daar direct aan toe: “De uitoefening van elk recht stopt waar het de rechten en vrijheden van anderen schendt.” Verbale en fysieke agressie, en burgers dwingen tot betalingen onder de vlag van festiviteit, zijn volgens hem flagrante schendingen van de bewegingsvrijheid en persoonlijke veiligheid.
Regulering als uitweg
Het debat is niet zwart-wit. Een volledig verbod vernietigt immaterieel erfgoed. Grenzeloze vrijheid brengt de veiligheid op straat in gevaar. De middenweg die steeds vaker wordt bepleit: regulering via vergunningen voor maatschappelijke organisaties die de optochten in goede banen leiden, met vaste routes, tijdvensters en nauw overleg met veiligheidsdiensten.
Of lokale overheden die stap zetten, bepaalt of Boujloud een toekomst heeft als beschermd erfgoed — of blijft hangen tussen feest en frictie.
Bekend ritueel, nieuw strijdtoneel
Voor Marokkaans-Nederlandse lezers met wortels in de Rif of Souss is Boujloud geen abstract cultuurdebat. Wie de feestdagen in Marokko doorbrengt, ziet het ritueel langs de ramen trekken in de dagen na Eid al-Adha. De discussie over hoe je een traditie bewaart zonder de publieke ruimte te verliezen, raakt aan bredere vragen die ook in Nederland spelen: hoe behoud je culturele eigenheid in een stedelijke context die andere regels stelt dan het dorp van herkomst?
De komende Eid al-Adha wordt opnieuw een lakmoesproef. En de vraag die elk jaar terugkomt rond Boujloud, blijft voorlopig onbeantwoord.