De man met de Spaanse naam die het noorden zijn stem gaf

De man met de Spaanse naam die het noorden zijn stem gaf

Op zaterdag 6 juni 2026 staat Tetouan in het teken van een bijzondere mijlpaal. De Stichting Abdelkhalek Torres organiseert dan de “Avond van Loyaliteit en Erkentelijkheid” in Beit al-Umma (het Huis van de Natie), het historische familiehuis van de familie Torres. Het is precies 56 jaar geleden dat een van Marokko’s grootste diplomaten en vrijheidsstrijders overleed: Abdelkhalek Torres.
Wie was deze man die in het noorden liefkozend de “volle maan van zijn tijd” wordt genoemd?

De volle maan

Zijn achternaam klinkt niet Arabisch. Torres. Meer Spaans en dat is geen toeval. De familie Torres stamt uit Granada, het laatste bolwerk van de Arabische beschaving op het Iberisch Schiereiland. Toen de Reconquista in 1492 ten einde kwam, trokken ze over de Straat van Gibraltar naar Tetouan. Generaties later, op 26 mei 1910, werd Abdelkhalek Torres geboren in diezelfde stad. En uitgerekend hij — de man met de Spaanse naam — zou de grootste luis in de pels van de Spaanse bezetter worden.

Een familie die geschiedenis ademde

Torres groeide niet op in een gewoon huis. Zijn grootvader Mohamed Torres was minister van Buitenlandse Zaken van sultan Abdelaziz en vertegenwoordigde Marokko op de Conferentie van Algeciras in 1906, de bijeenkomst waarbij Europese grootmachten het lot van Marokko onderling regelden, zonder Marokko zelf een echte stem te geven. Zijn vader was pacha van Tetouan. Abdelkhalek was het zevende en jongste kind, opgegroeid tussen boeken, politiek en het bewustzijn van een land dat zijn soevereiniteit zag wegglippen.

Hij was nog maar drie jaar oud toen Spaanse troepen Noord-Marokko binnenvielen. Als tiener hield hij de strijd van Abdelkrim al-Khattabi nauwgezet bij in zijn dagboek. De Rifoorlog speelde zich letterlijk af in zijn achtertuin, en de jonge Torres volgde het met de blik van iemand die wist: dit gaat over ons.

Het woord als wapen

Torres was geen man van het zwaard. Hij was journalist, toneelschrijver en politicus. Hij begreep dat de strijd tegen de bezetter niet alleen op het slagveld, maar ook aan de onderhandelingstafel en in de media gewonnen moest worden.

Samen met zijn mentor Abdesalam Bennuna richtte hij de Arabischtalige krant Al-Hurriya op. Vrijheid. In een tijd dat de Spaanse bezetter bepaalde wat er gedrukt mocht worden, was dat op zichzelf al een daad van verzet. Daarnaast schreef Torres op 24-jarige leeftijd het toneelstuk Intissar al-Haq — “De overwinning van het recht” — dat tot op vandaag geldt als het eerste gepubliceerde Marokkaanse toneelstuk ooit.

Na het overlijden van Bennuna in 1935 werd Torres de onbetwiste leider van de nationalistische beweging in het noorden. Een jaar later richtte hij de Hizb al-Islah al-Watani op, de Nationale Hervormingspartij. Zijn aanpak was even slim als gedurfd: hij wist de Spaanse autoriteiten zo te bespelen dat ze hem zijn gang lieten gaan, terwijl hij ondertussen nauw samenwerkte met de verbannen sultan — en latere koning — Mohammed V. Torres speelde politiek schaak op een bord dat de bezetter zelf had opgesteld, en won.

Eén ding was daarbij altijd helder: Torres weigerde mee te gaan in het Spaanse plan voor een apart “Khalifaat van het noorden”, een constructie die de facto zou neerkomen op een permanente splitsing van Marokko. Hij geloofde in één vrij land, van de Rif tot de Sahara.

Na de onafhankelijkheid

Toen Marokko in 1956 vrij werd, bleef Torres actief. Hij diende als ambassadeur in Spanje en Egypte, en werd in 1961 benoemd tot minister van Justitie onder koning Mohammed V. De man die zijn leven lang had gevochten voor de rechtsstaat, stond nu aan het hoofd ervan.

Op 27 mei 1970 stierf hij in Tetouan, een dag na zijn zestigste verjaardag. De stad die hem had gevormd, liet hem niet los.

Het laatste nieuws

Lees ook