EU verbiedt kledingvernietiging: wat betekent dit voor Marokko?

EU verbiedt kledingvernietiging: wat betekent dit voor Marokko?

Grote Europese modebedrijven mogen vanaf 19 juli geen onverkochte kleding, schoenen of accessoires meer vernietigen. De nieuwe EU-regel, onderdeel van de ESPR (Ecodesign for Sustainable Products Regulation), dwingt merken hun overtollige voorraad via andere kanalen kwijt te raken. Marokko staat aan beide kanten van die vergelijking: als een van de grootste textielleveranciers van Europa én als bestemming voor Europese tweedehandskleding.

De ban geldt nu voor grote ondernemingen. Middelgrote bedrijven volgen in 2030, kleine bedrijven blijven vrijgesteld. Vernietiging blijft alleen toegestaan als kleding onveilig, beschadigd of nagemaakt is. Alternatieven die de wet voorschrijft: kortingverkoop, donaties, reparatie, hergebruik of recycling.

Wat dit voor de sector betekent

De EU schat dat tussen de 4% en 9% van alle textiel dat op de Europese markt terechtkomt, wordt vernietigd voordat iemand het ooit draagt. Dat staat gelijk aan zo’n 5,6 miljoen ton CO2-uitstoot per jaar.

Marokko exporteerde in 2025 voor €2,9 miljard aan textiel naar de EU, goed voor ruim 11% van alle EU-invoer uit het land. Tegelijkertijd meldde vakblad FashionUnited dat de eerste vijf maanden van 2025 een neerwaartse trend lieten zien in de Marokkaanse textiel- en kledingindustrie, met toenemende druk van Aziatische concurrenten.

Kans of negatief effect?

Hier ligt de vraag voor Marokko. Als merken onverkochte collecties niet meer mogen vernietigen, moeten ze die kleding ergens anders plaatsen: via outletketens, online discountplatforms, donaties of export. Marokko is al een vaste bestemming voor gebruikte Europese kleding. Volgens UN Comtrade-data exporteerde de EU de afgelopen jaren tientallen miljoenen euro’s aan gedragen textiel naar het land. In 2022 exporteerde de EU in totaal zo’n 1,4 miljoen ton gebruikte textiel wereldwijd, ruwweg twee keer zoveel als in 2000.

Brussel kijkt hier zelf ook kritisch naar. Frankrijk drong eerder aan op strengere exportcontroles voor gebruikte kleding, met het argument dat textielverspilling niet simpelweg naar Afrika verschoven mag worden. De vraag die overblijft: als vernietiging verboden is maar dumpen via de tweedehandsmarkt niet, wie beschermt dan de Marokkaanse markt en de lokale kledingproducenten tegen een nieuwe golf goedkope import?

Nearshoring als tegenwicht

Er is ook een andere kant. De nieuwe EU-regels dwingen modebedrijven bewuster na te denken over hoeveel ze produceren. Overproductie wordt duurder in beheer; bedrijven die minder maar preciezer willen produceren, hebben baat bij flexibele producenten in de buurt. Marokko profileert zich al jaren als nearshore-productieland voor Europa, met korte aanvoerlijnen vanuit Tanger en Casablanca richting de EU.

Als merken kleinere, frequentere orders gaan plaatsen bij nabijgelegen partners om overstock te vermijden, kan dat de Marokkaanse sector juist aantrekkelijker maken. Dat neemt niet weg dat de sector dit jaar al te maken heeft met teruglopende orders door Aziatische concurrentie.

De EU-regel verandert de spelregels, maar schrijft Marokko’s rol niet voor. Of het land profiteert als productiepartner of als opvangbuffer voor onverkochte Europese collecties, hangt af van keuzes die in Rabat én Brussel gemaakt worden.

Het laatste nieuws

Lees ook