Marokkaanse jongeren mobiliseren zich om doodstraf van binnenuit te bestrijden
De Marokkaanse mensenrechtenraad CNDH (Conseil national des droits de l’Homme) sloot vrijdag in Rabat een nationaal jongerenprogramma af over de afschaffing van de doodstraf. Tweehonderdveertig jongeren tussen de 18 en 30 jaar, verspreid over alle twaalf regio’s van Marokko, volgden workshops en debatsessies om de discussie over de doodstraf te voeren op lokaal niveau.
Het programma heet “Jeunesse pour l’abolition” en is niet zomaar een bewustwordingscampagne. Het doel is concreet: jongeren opleiden tot pleitbezorgers die zelf andere jongeren kunnen mobiliseren, met juridische argumenten en lokale voorbeelden. Vierentwintig van de 240 deelnemers presenteerden vrijdag hun voorstellen en best practices voor bewustwording over de afschaffing van de doodstraf.
Van VN-stem naar nationale wet
Marokko stemde in december 2024 voor het eerst vóór het VN-moratorium voor afschaffing van de doodstraf, een stap die het land nooit eerder had gezet in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. De CNDH wil die diplomatieke positie nu omzetten in een wettelijke realiteit. Amina Bouayach, voorzitter van de CNDH, stelt dat het recht op leven zoals vastgelegd in artikel 20 van de Marokkaanse grondwet van 2011 “de basis vormt van alle rechten” en “onder geen enkel voorwendsel mag worden weggenomen”.
De stap van moratorium naar wet is groot. Marokko kent de doodstraf in de wetgeving nog steeds voor meerdere delicten, al wordt de straf al jaren niet meer uitgevoerd. Het gaat om een feitelijk moratorium, geen juridisch. Dat onderscheid is precies wat het CNDH wil aanpakken.
Lokale tradities als argument voor afschaffing
Mustapha Najmi, projectcoördinator bij de CNDH, benadrukt dat de workshops rekening hielden met regionale verschillen. “In sommige regio’s van Marokko bestaat gewoonterecht en zijn er tradities die diep verankerd zijn in onze geschiedenis. Die kunnen onze inspanningen voor afschaffing juist ondersteunen, omdat alternatieve straffen voor moord al in verschillende vormen hebben bestaan.”
Dat is een opvallende redenering: niet westerse mensenrechtentaal als enig argument gebruiken, maar ook putten uit inheemse rechtstraditie. Najmi noemt het recht “positief, voortkomend uit menselijke ervaring”, en zegt dat het zijn inspiratie kan halen uit “het gezond verstand van die gebruiken, in lijn met het internationale kader”.
De deelnemers aan het programma kwamen uit uiteenlopende achtergronden: 30 procent studeert rechten of een juridische richting, 25 procent sociale wetenschappen, 20 procent technische of andere vakrichtingen. Acht universiteiten en vijf middelbare scholen namen deel, naast een tiental juridische en maatschappelijke organisaties.
Coalitie met Europese partners
Het programma werd opgezet in samenwerking met de Coalition marocaine contre la peine de mort (de Marokkaanse coalitie tegen de doodstraf), de Raad van Europa en de internationale organisatie ECPM (Ensemble contre la peine de mort, een wereldwijde afschaffingsbeweging). Die combinatie van deze groepen is niet toevallig: het vergroot de druk op een wettelijke hervorming en verankert het debat in een breder internationaal kader.
Abderrahim Jamai, voorzitter van de balie en coördinator van de Marokkaanse coalitie, spreekt van zijn hoop dat het project “bijdraagt aan een dialoog tussen generaties” en dat het essentieel is “deze jongeren te vertrouwen bij het bouwen aan een betere toekomst”.
Wat er nog moet gebeuren
De weg van hier naar een wettelijke afschaffing is niet uitgestippeld. Bouayach omschrijft de Marokkaanse aanpak als er een van “cumulatieve vooruitgang” waarbij “duurzame hervormingen een permanent dialoog en collectieve betrokkenheid vereisen”. Dat klinkt als een lange adem, en dat is het ook.
Wat het programma concreet oplevert, is een netwerk van jonge mensen in alle regio’s van Marokko die het debat kunnen voeren met juridische onderbouwing, in hun eigen omgeving, in hun eigen taal. Of dat voldoende is om de wetgever in beweging te brengen, is een andere vraag. Maar de strategie is helder: maak van afschaffing geen elitaire discussie in Rabat, maar een breed maatschappelijk gesprek dat van onderaf wordt gevoerd.